Roy Schuiten 1950-2006

Voormalig wielrenner Roy Schuiten is dinsdag in zijn woonplaats Carvoeiro overleden. Schuiten is 55 jaar geworden en was beroepsrenner van 1974 tot 1982. Twee maal werd hij wereldkampioen achtervolging. Ook maakte hij vier jaar deel uit van de befaamde Raleigh-ploeg. In 1975 deed hij in Mexico drie vergeefse aanvallen op het werelduurrecord. Na zijn profcarrière was hij kort actief als ploegleider van PDM en begon hij een restaurant in de Algarve.


Lees ook:Kittel mag Cavendish uitdagen in Tour
Lees ook:Vacansoleil-DCM geeft visitekaartje af
Lees ook:CAS is rijkelijk laat met schorsing Ullrich
Lees ook:Onder de loep: FDJ-BigMat
Lees ook:Giro 2012: voorbeschouwing ploegentijdrit

Heb jij Wielrennen.Blog nog steeds niet toegevoegd aan je Google homepage of Reader? Klik hier!


  • Geplaatst door Theo Fijn op 19 september 2006 om 18:53

    TVM moet PDM zijn

  • Geplaatst door Fred R. op 20 september 2006 om 14:17

    Helaas weer een te jong gestorven wielrenner uit de jaren 70 -80

  • Geplaatst door Joep Scholten op 21 september 2006 om 13:44

    Onderstaand verhaal schreef ik voor een clubblad in mrt. 97. Bijna 10 jaar later werd ik eraan herinnert toen het bericht van zijn dood op teletekst verscheen.

    Roy Schuiten, een talent.

    In het maartnummer van Wielerrevue ’97 las ik een tweetal verhalen over wereldrecord¬pogingen. Het succesverhaal van Chris Boardman is een mooi voorbeeld van hoe zo’n onderneming professioneel hoort te worden aangepakt. Vergelijk daarmee eens het gestuntel dat leidde tot de mislukte poging van Roy Schuiten.
    Voor de buitenwereld is Roy Schuiten nog steeds de mislukkende sporter en zijn voormalige ploegleider van de amateur Peugeotploeg, Joop Stoop, koestert zich ook graag in dat vooroordeel. Ik citeer:
    ‘Als er gekookt moest worden, zette Schuiten het fornuis op de spaarbrander.’
    Ook de Nederlandse wielergoeroe bij uitstek, Peter Post, is zeer vleiend:
    ‘Met Schuiten was het altijd hetzelfde. Als het erop aan kwam, kon hij zichzelf geen pijn doen.’
    Lees beide artikelen en trek Uw eigen conclusie. Ik had die al eerder getrokken, en eerlijkheidshalve zeg ik erbij, dat ik geen fan was van Post. Met uitzondering van de wielrenner, en in het bijzonder die ene keer dat hij Parijs- Roubaix won. Voor de rest vertegenwoordigt de man alles wat ik fout vind. Hij ademt de putlucht van rücksichtlose ambitie, over alle ruggen die daarvoor in de weg komen en hem ontbreekt elk spoor van zelfinzicht. Daarbij schaam ik mij gemakshalve maar vervangend voor de kromme zinnen die hij af en toe mag uitspreken in een of ander sportprogramma. Nee, Post had de mazzel te kunnen vissen in een overvolle vijver met talent. Roy Schuiten was er een van. Ooit was hij lid van Wielervereniging de Zwaluwen te Doetichem

    Ergens rond ‘66/’67 meldde hij zich aan, overgewaaid uit Noord-Holland, omdat zijn ouders zo nodig een hotel moesten runnen in ‘s Heerenberg. Hij reed op een rode RIH, handgemaakt door Wim Bustraan zelf. Roy hechtte aan deze uiterlijkheden. Bovendien, alles wat uit Amsterdam kwam of die omgeving, was op voorhand heilig. Hij was zo’n gesoigneerde renner, die bij elke etalageruit zijn eigen beeldhouwwerk bewonderde. Het huilen stond hem heel na toen tijdens een trainingstocht de achtervork van zijn kunstwerk sneuvelde tijdens een lullige valpartij. Natuurlijk kwam er nieuw. Zijn ouders waren zijn grootste fans en hijzelf was toen de grootste fan van Peter Post. Zijn kamer hing vol met foto’s van deze fietsgigant, naast de kransen en bekertjes door hem bij elkaar gefietst als aspirant. De foto samen met Post, tijdens een prijsuitreiking bij zijn vorige club, nam een voorname plaats in.
    Roy leek een beetje neer te kijken op de fietsers uit de Achterhoek. En het daar gesproken dialect is voor veel westerlingen op voorhand kwalitatief minder dan het dialect dat ze zelf spreken. Jonge honden van 16, 17 zijn bovendien niet erg kieskeurig in elkaars benadering, toen niet en nu evenmin. Diplomatie vonden we iets voor stoffige heren in grijze pakken. Maar op een of andere manier lagen wij elkaar. Ik, iets ouder en mijn bek zonodig scherper dan die van hem. Hij, die alles goedmaakte met zijn klasse, maar ook zijn grilligheid en zijn getrucdheid. Laten we zeggen dat er zonder een woord, sprake was van wederzijds respect. We trainden vaak samen.

    Zijn tred, … een koninkrijk voor zo’n tred! Als ploegleider met zulk materiaal te mogen werken, zou aanleiding moeten zijn voor elke avond een dankgebed. Bevroren op een Brooks zadel, speciaal geprepareerd vanzelfsprekend, suiste een beeldhouwwerk voorbij. Of het was om zijn onzekerheid te verbergen of slechts onderdeel van het spel: altijd was er speciale preparatie, rituelen en een zorgvuldigheid die bijna maniakaal aandeed. Hij vroeg er wellicht ook mee om extra aandacht. Prettig opvallen en goede smaak waren synoniem voor Roy. Zijn antenne voor zaken als sfeer en entourage was uitermate gevoelig. Als het niet was zoals hij zich had voorgesteld, lag hij dwars, verloor zijn interesse. Een renner met nukken is dan de snelle conclusie. Dat Stoop en Post daar instonken en nog steeds de schuld aan Roy geven, zegt genoeg over hun kwaliteit als ploegleider.
    Aan het talent van Roy lag het niet. Hij barstte ervan, met beperkingen vanzelfsprekend. Bijvoorbeeld klimmen. Volgens mij vond hij het niet mooi, dat gezwoeg op een pielverzet omhoog. Wielrennen was voor hem vooral gestroomlijnd laag vliegen. Met 120 omwentelingen per minuut zoeven over fraai asfalt. De Postbank vond ie al niks. Opvallend vaak trapte hij daar zijn wiel scheef. Dat verveelde en ik kreeg een vermoeden:
    “En nou geen gezeik Schuiten, laat mij dat wiel er maar eens in zetten.”
    Daarna reed ik hem los. Te gemakkelijk. Op de Emmapiramide, de Zijpenberg enz. Hij kon veel beter. Iemand die zo kon tijdrijden, vliegt ook over dat soort heuvels, maar hij was al geklopt voordat hij eraan begon. Net zo als met die recordpoging.
    Maar o wee, als hij het gevoel had, dit is mijn wedstrijd. Dan was er geen houden aan. Met wind achter vooral. Hij bleef net zo lang 52-18 malen tot bij iedereen de lamp uitging.
    Met een groep trainen gaf soms problemen. Had hij geen zin, verdomde hij het op kop te komen. Nog net geen slaande ruzie, want met mannen als Herman Brinkhof, Tonnie Kelderman en Gerard Dijker lukte dat niet makkelijk. Als het te gortig werd, liet ik me afzakken:
    “Schuiten, jij hier dadelijk rechtdoor, wij gaan rechtsaf. Als je weer normaal bent, kom je maar terug.”

    De volgende dag net uit school lachte hij me tegemoet, feestelijk achter de thee bij mijn moeder. No hard feelings. Daarna gewoon samen trainen.
    Het duurde maar even en hij vloog ons aan alle kanten voorbij. Natuurlijk was hij serieus maar hij bleef ook kwajongen. Wel eens geen zin in trainen, kwam hij rechtstreeks naar mijn ouderlijk huis. Lulde met mijn moeder de middag aan mekaar en reed daarna in vliegende vaart linea recta naar ‘s Heerenberg. Alles bij elkaar amper 20 km. Zijn vader zag hem echter alleen maar gaan en komen. Zwetend. Daartussen zat minstens vier uur. Daarna verlies je mekaar uit het oog.

    Sindsdien is er veel geschreven. Nu weer het verhaal van de treurigheid van een recordpoging die mislukte. Roy Schuiten als enige schuldige. Ik lees het anders en denk: ‘ hoe het in Godsnaam mogelijk is dat een ploegleider zoveel jaar na dato nog steeds zijn eigen onbenul verdedigt.’
    Roy zal het misschien een zorg zijn. Hij heeft de wielersport de rug toegekeerd.
    Ik herinner mij zijn laatste jaar als nieuweling. De teleurstelling van Dronten (Met opkomende angina toch willen starten voor het Nederlands Kampioenschap tijdrijden voor clubs) was nog vers. Ter afsluiting een koers in Eindhoven. Samen op pad in de auto van zijn vader (Renault 16 TS. De oude Schuiten had ook gevoel voor klasse) en gewoon wat lullen onderweg. Fietsen en meiden. De ene knaap van 17 en de ander amper 19.
    Van kop af in de laatste twee ronden reed Roy het hele pak uit zijn wiel. Het zag er zo verdomd simpel uit. De bloemen gingen mee voor zijn moeder, de beker werd neergevleid op de achterbank. Allemaal rituelen, de liturgie van een klasbak.
    De Nederlandse wielersport mocht willen dat ze op dit moment zo’n talent had in haar gelederen. De Zwaluwen trouwens ook.

    JOEP SCHOLTEN
    Ruurlo
    19 mrt. ‘97

    • cor hermsen:
      12 februari 2010 om 1:35

      op welke school zat roy toen zijn ouders in s heerneberg zo nodig een hotel moesten runnen?

  • Geplaatst door Martin van den Bosch op 23 september 2006 om 18:07

    bedankt voor je bijdrage Joep, een mooi verhaal !

  • Geplaatst door Robert Schuiten op 27 september 2006 om 22:43

    heel mooi joep

  • Geplaatst door piet knarren op 1 oktober 2006 om 18:56

    na voor mij een vervelende lange autorit,ik was op weg naar huis terugkomend van een optreden uit Karlsruhe vlak voor de grens stoof een Porsche aan mij voorbij. Bij de grens aangekomen draaide ik mijn raam open en hoorde een pittig gesprek tussen de douane en de bestuurder van de porsche. Het ging nog al flink aan toe zodat er een file ontstond.We stapten met een paar bestuurders uit onze auto,s en een heer herkende Roy Schuiten en wist ons te vertellen dat hij op de radio had gehoord dat Roy dezelfde avond een zesdaagse had gewonnen en de volgende dag aan de start moest komen tijdens de zesdaagse van Rotterdam. De betreffende douane werd erg vervelend en bevool Roy de kofferbak van zijn auto te openen. Roy deed dat meteen. Maar toen de douane de fietsen die daar lagen tussen schuimrubber probeerde uit de auto te tillen, greep Roy de douane in zijn nekvel onder het motto daar blijf jij vieze vuile mof met je poten van af. Onder luid aplaus van de inmiddels toch wel zo,n 15 mensen stapte Roy in zijn Porsche en reed in volle vaart richting Rotterdam.

    Dat was mijn verhaal en ben wel geschrokken van het nieuws in de krant van toch veel te jong overlijden van man die ik niet snel zal vergeten een man met al heb ik hem maar 6/7 minuten mogen meemaken een mean met KARAKTER. Ik wens familie, vrienden en iedereen die Roy Schuiten beter gekend als ik met 6/7 minuten heel veel sterkte toe

    piet knarren and his golden trumpet

    een toevallig voorval ongeveer 1980.

  • Geplaatst door Eddy Braam op 7 april 2007 om 22:11

    Roy heeft een aantal jaren in ‘s-Heerenberg gewoond en ik mocht een keer mee naar de Ronde van Boxmeer. Roy rijdt lek en loopt meteen door naar een aspirantenfiets die uit de handen wordt gegrist waarop hij weer aansluit bij het peloton. Omdat hij nooit lek rijdt moeten wij op een transportfiets de wielen halen en pompen bij de auto terwijl Roy de hele tijd met 48-18 in de rondte rijdt. Nieuwelingen verzet toentertijd 52-18! Vervolgens weer wisselen en scherp in de prijzen rijden!
    Laat een bijdehandje als Gerben Karstens in Wielerexpress dan niet uitwijden over het tactisch tekort van Roy. Wat heet timen, eerst de fiets wegpakken op het goede moment omdat je er anders natuurlijk nooit meer bijkomt.
    Nu nog denk ik aan de gedrevenheid van Roy wat ik toen niet begreep en niet kon vertalen naar mijn eigen fietsen. Nu, op 50 jarige leeftijd, denk ik er met plezier aan terug en projecteer ik het op mijn eigen beperkte fietsniveau.
    Roy bedankt.

Geef een reactie